Door: C Ligtenberg 21-12-2009

Bijna twee jaar geleden ontmoette ik hem. Een van de eerste kandidaten, een laatstejaars informaticastudent, van Wijzer Werken. Uitdaging genoeg dus!
Wat zijn je ambities? Welke rol heb je meestal in werkgroepen? En nog veel meer vragen speelden door mijn hoofd.
Toen ik hem ontmoette, kwam de volgende vraag. Hoe zou hij willen dat we naar de kamer lopen? Hij kan het niet zien waar hij heen moet. Na razendsnel de opties te verkennen in mijn hoofd, stel ik de vraag. “Wil je dat ik iets doe of zeg onderweg?” “Ja, zegt hij zelfverzekerd. Ik wil mijn hand op je arm leggen, zodat ik naast je kan lopen.” En zo simpel was het. Even opletten dat ik geen onverwachte bocht naar links maak en bij een doorgang er even rekening mee houden dat er nog iemand naast me ook doorheen moet..
Verder lezen ......